|
Waarom is het voorkomen van ondervoeding zo belangrijk? |
|
De gevolgen van ziekte en ondervoeding kunnen zijn:
- Gewichtsverlies
Als gevolg van ziekte is de voedingsbehoefte (vooral van eiwit) verhoogd, maar de eetlust is vaak verminderd. Hierdoor treedt er gewichtsverlies op, waardoor patiënten zich weer zwakker gaan voelen en daardoor minder gaan eten.
- Verminderde voedselinname en gebrek aan eetlust
Door smaakveranderingen kunnen patiënten afkeer hebben om bepaalde producten te eten, soms mag of kan er niet gegeten worden en zijn mensen te ziek of te vermoeid om zelf te eten.
- Zwakheid, futloosheid
Tijdens ziekte neemt de spiermassa af. Patiënten voelen zich vaak zwak en zijn futloos. Er ontstaat krachtsverlies waardoor bij met name ouderen de kans op vallen (botbreuken) toeneemt.
- Verhoogde eiwitbehoefte
Bij ziekte verandert de behoefte aan eiwit. Volgens het concept van optimaal voeden heeft iedere (ernstig) zieke patient 1,5 gram eiwit per kg lichaamsgewicht nodig.
Bij een tekort aan eiwit is de kans op infecties zoals longontsteking, urineweginfecties en doorligplekken (decubitus) verhoogd. Eiwit is nodig voor aanmaak van afweercellen en huidcellen. Bij onvoldoende aanbod van eiwit bij verhoogde behoefte zal het lichaam deze belangrijke functies in verminderde capaciteit of niet kunnen uitoefenen.
- Verminderde kwaliteit van leven
Niet alleen door ziekte maar ook door de ondervoeding zelf vermindert de kwaliteit van leven: mensen voelen zich vermoeid, lusteloos en kunnen snel depressief worden. Het vechten tegen ziekte wordt dan wel erg moeilijk.
- Sterfte
Door ondervoeding neemt de kans op overlijden toe, onafhankelijk van de prognose van de ziekte.
Doe de ondervoedingstest om na te gaan in hoeverre u te maken heeft met ondervoeding.
|